Spring naar inhoud

Mechanisme

Waarom ervaart iemand met ENS klachten?
De pijlers van ENS zijn

  • een verstoorde airflow wegens te weinig en verkeerd gevormd gezond weefsel
  • overmatig aanwezig littekenweefsel
  • een aangetast slijmvlies.

Deze drie pijlers zijn op zichzelf staande factoren maar houden ook verband met elkaar. We gaan nu in op deze losstaande factoren en de verbanden.

Technische luchtstroom problemen
Het weefsel van de neusschelp vormt door zijn vorm en volume een barriëre voor binnenkomende lucht. De ronde worstvorm van de neusschelp zorgt dat de lucht eronderdoor gezogen word. De dikte van de worstvorm maakt de luchtweg ook smaller, wat een fysieke barriëre vormt voor de lucht. Dit zorgt ervoor dat de lucht niet te snel binnen kan stromen. Is er te weinig volume, dan vervallen daardoor zowel de turbine als de fysieke barriére functie. De luchttoevoer is op 2 manieren te groot geworden en hierdoor ademen ENS patiënten teveel te snel lucht in.

Normale luchtstroom
De luchtstroom veranderd door verkeerd gevormde neusschelpen

Middelste neusspleet
Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat bij mensen met ENS de luchtdruk in de middelste neusspleet verhoogd is. Dit komt omdat de onderste neusspleet te klein is en verkeerd gevormd. Door het ontbreken van volume stroomt de lucht over de onderste neusschelp in de middelste spleet. Ook word de lucht door het verminderde volume niet meer goed door de onderste neusspleet getrokken. Via deuken in het weefsel van de onderste neusschelp stroomt de lucht nog extra hard de middelste neusspleet in. In zijn totaliteit is de luchtdruk in de middelste neusspleet hierdoor extra verhoogd.

Wie is de ongelukkige?
De complete airflow word ook beïnvloed door andere weefsel en kraakbeen structuur vormen, zoals het septum en de vorm van de neusholte. Het is hierdoor dat er bij sommige personen wel ENS ontstaat en bij andere personen niet. De ene neus kan beter uit de voeten met de verkleinde neusschelpen dan de andere. Dit maakt ENS tot een aandoening waarvan niet te voorspellen is wie het zal krijgen en wie niet na een neusschelpverkleining.

Overmatig littekenweefsel
Na elke vorm van neusschelpverkleining vormt zich littekenweefsel in plaats van het gezonde weefsel. Dit littekenweefsel heeft een veel minder groot volume dan het gezonde weefsel. De structuur van littekenweefsel is echter anders en veel harder. Er lopen geen bloedvaten door het littekenweefsel. Littekenweefsel is mede hierdoor niet erectiel waardoor de neusschelp niet meer kan zwellen wanneer dit nodig is. Door het harde, slecht doorbloedde weefsel worden signalen minder goed doorgegeven. Hierdoor word de binnenkomende lucht niet meer goed waargenomen, waardoor het lijkt alsof er geen lucht binnenkomt.

Verstoorde zuurstof -koolstofdioxide cyclus
Als de neusschelp te weinig weerstand bied, komt er te snel te veel lucht binnen. Je kunt het zien alsof de persoon in rust dezelfde luchthoeveelheid binnen krijgt als wanneer hij diep en snel zou ademen tijdens heftige inspanning. De persoon ademt in rusttoestand met een normale kracht en intensiteit. Alleen door de verstoorde aerodynamica komt er teveel lucht binnen. De lucht word niet goed gereguleerd omdat er fysiek te weinig neusschelpweefsel is. Is de hoeveelheid zuurstof niet nodig dan word de persoon duizelig. De uitademing levert ook een probleem op. Wanneer men uitademt dan blaast men koolstofdioxide uit. Gebeurd dit te snel, dan kan de zuurstof niet goed worden verwerkt door de longen. Door dit gecombineerde proces worden ENS patiënten duizelig zelfs terwijl zij rustig op een stoel zitten. Er word geen inspanning geleverd, maar ze krijgen wel die hoeveelheid lucht te verwerken. ENS patiënten moeten elke ademteug bewust reguleren om niet duizelig te worden, met elke ademteug.

Het slijmvlies als informatievoorziener
Op het slijmvlies bevinden zich sensorische trilhaarcellen die metingen doen: de luchtdruk, de snelheid en de temperatuur worden gemeten. Bij een ENS patiënt is dit mechanisme verstoord. Doordat de neusschelp te klein of verkeerd gevormd is geraakt, stroomt de lucht er anders langs en krijgen de cellen andere signalen dan voorheen. Daarnaast komen bepaalde signalen juist niet meer door omdat de cellen in aantal zijn afgenomen of kapot zijn gegaan. We gaan nu in op hoe dit werkt.

Waarom raakt het slijmvlies aangetast?
ENS is een combinatie van een verstoorde airflow, overmatig litteken weefsel en aangetast slijmvlies. Bij een conchotomie word een stuk weefsel inclusief slijmvlies weggeknipt. De neus heeft nu een wond aan de binnenzijde. In sommige gevallen heelt het slijmvlies niet; het blijft stuk op die plek. Er ontbreekt dus nu een stuk slijmvlies. De overgebleven cellen moeten te hard werken, raken overbelast en sterven af.
Bij een Celon behandeling krijgt het slijmvlies een dosis hitte te verwerken. In sommige gevallen raken de cellen door deze hitte beschadigd. Ze zijn kapot gegaan door de hitte. De nog intacte cellen moeten harder werken, raken overprikkeld en sterven.
Niet bij elke persoon met ENS raakt het slijmvlies aangetast. Het is van het helingsmechanise van het lichaam afhankelijk of het slijmvlies zich goed hersteld na een neusschelpverkleining. En of de airflow het slijmvlies niet verder beschadigd.

Verstoorde airflow beschadigd het slijmvlies
Een andere factor die het slijmvlies kan beschadigen is de verstoorde airflow. In een normale situatie hoort er een bepaalde interactie te zijn tussen de luchtfactoren en het slijmvlies. Door de veranderde vorm en dikte van de neusschelp vind deze interactie niet meer goed plaats. De lucht stroomt op bepaalde plaatsen te hard langs de trilharen waardoor ze overprikkeld en uitgedroogd raken door de harde luchtstroom. De overprikkeling en uitdroging veroorzaken een nog grotere afsterving van cellen. Dit veroorzaakt verdere afsterving van het gehele slijmvlies, plus dat in dit ongunstige klimaat het toch al beschadigde slijmvlies zich niet makkelijk meer hersteld. Dit proces gaat langzaam of snel, afhankelijk van de airflow en de mate van slijmvliesbeschadiging. Hierdoor ontwikkeld ENS zich soms pas jaren na een neusschelpverkleining.

Gevolgen aangetast slijmvlies
Een normaal, gezond slijmvlies voorziet de neus van een vochtig laagje slijm. Dit slijm word vermeerderd om de neus te beschermen. Bijvoorbeeld tegen een koude temperatuur. Een omgeving met een warme temperatuur word onder invloed van vocht sneller en beter warm. De neus is door zijn vorm een soort broeikasje waar lucht doorheen stroomt. Produceert het slijmvlies te weinig slijm dan is de verwarmingsfunctie in de neus verminderd. De lucht raast dan over een droge vlakte, waar dit een vochtig laagje hoort te zijn. Hierdoor ervaren veel ENS patiënten pijn bij het ademen. Als je op iets kouds bijt doet dit zeer aan je tanden. Je kunt je voorstellen dat wanneer je dit soort pijn ervaart in je neus met ademen, dit zeer onaangenaam is.

ENS patienten kunnen het gevoel hebben geen lucht te krijgen ondanks dat ze ademen

Paradoxale obstructie
Elektrische signalen worden beter doorgegeven door vocht. Eenvoudig gezegd vind zoiets ook in de neus plaats, door het vochtige slijmvlies. De sensorische cellen die de luchtdruk, temperatuur en snelheid meten, krijgen de informatie wanneer zij droog zijn minder goed door dan wanneer ze vochtig zijn. Dit principe veroorzaakt de paradoxale obstructie van ENS. Het slijmvlies is aangetast en dit betekend dat de trilhaarcellen en vocht producerende cellen afsterven. De langskomende lucht word niet meer gevoeld door de trilhaarcellen, omdat ze niet nat genoeg zijn. Hierdoor hebben sommige ENS patiënten het gevoel van een verstopte neus, ondanks dat er geen fysieke blokkade van lucht is. Dit verschijnsel word paradoxale obstructie genoemd. Fysiek kan de lucht gewoon in en uitstromen, alleen voelt de patiënt niet dat dit gebeurd. In het ergste geval heeft een patiënt helemaal geen gevoel van langskomende lucht meer en ervaart hij het alsof hij stikt. Dit komt door de wegvallende informatie over de lucht. Natuurlijk komt de lucht wel in de longen. Het lichaam is er echter niet op ingesteld om de langskomende lucht níet in de neus te voelen. Dit veroorzaakt een gevoel van verstikking, ook al stikt de persoon niet werkelijk.

Empty Nose
De naam Empty Nose doet denken dat de neus leeg is en dat dit het probleem vormt. Maar eigenlijk heeft de patiënt het gevoel dat de neus leeg is. Dit is de ware kern van ENS; de (te grote) luchtstroom word niet meer waargenomen. Hierdoor 'voelt' de patiënt de lucht niet; de neus voelt leeg aan.

Afwezigheid nasale cyclus
Een gezonde neus heeft een nasale cyclus, waarbij om de 3 tot 6 uur slechts 1 neusgat ademt. De normale nasale cyclus heeft als functie om 1 kant van de neus te laten herstellen van al het werk én de airflow word erdoor gereguleerd. Bij ENS patiënten is deze cyclus afwezig. Er is niet genoeg neusschelpweefsel aanwezig wat zich kan verdikken. Hierdoor stroomt de lucht voortdurend door beide neusgaten. De luchttoevoer, die toch al te groot was, word hierdoor nóg groter. Bovendien krijgt het slijmvlies geen kans om zich te herstellen; de lucht blaast voortdurend door beide neusgaten. De afwezigheid van de nasale cyclus verergerd de ENS symptomen.

Stress hormonen
Waar de lucht eerst werd gereguleerd door de onderste neusschelp, gebeurd dit nu niet meer. De sensorische cellen meten de verandering. Ze geven constant een alarm signaal af aan de hersenen; hier klopt iets niet. Dit veroorzaakt stress en de aanmaak van adrenaline. Het proces vind automatisch en heel snel plaats, bij elke ademhaling. De stress word veroorzaakt door een fysiek probleem in de neus. Dit is 1 van de redenen waarom ENS patiënten zich nooit meer ontspannen kunnen voelen. Dit is fysiek niet meer mogelijk, door dit automatische stress aspect.

Hoe reageert het lichaam op ENS?
ENS verstoord het fysieke luchtregulatie mechanisme van de neus. Lucht word niet meer automatisch op de juiste manier verwerkt. Bij veel ENS patiënten is er een te grote airflow. De lucht komt te snel en te veel binnen. De ademhaling moet nu op andere wijze worden gereguleerd dan wanneer de fysieke aanwezigheid van neusschelpweefsel dit zou doen. Dit doet een persoon met ENS door heel oppervlakkig adem te halen. Er is geen barriëre meer die de lucht reguleert dus komt het neer op minder hard inademen.

Adem in, adem uit
Dieper inademen is veel makkelijker dan bewust oppervlakkiger ademhalen. Het is heel moeilijk om dit voortdurend te moeten doen. Ook moet er goed opgelet worden bij plotselinge inspanning, zoals het oplopen van een trap. De automatische reactie van het lichaam is harder inademen, maar wanneer een ENS patiënt dit doet word die extra duizelig.

Normale ademhaling

Gevolgen bewuste ademregulatie
Het constant bewust de ademhaling moeten reguleren vergt een enorme concentratie. Hierdoor treden er concentratiestoornissen op. De ENS patiënt moet in elke situatie namelijk handmatig de ademhaling reguleren, ook bij taken die concentratie vereisen zoals autorijden. Het bewust oppervlakkig ademen is een extra taak die de hersenen en het lichaam erbij hebben gekregen. Voor het lichaam is het ook een belasting. De lucht word bijvoorbeeld door de borstkas aan te spannen tegen gehouden. Dit is in strijd met wat er gebeurd tijdens een inademing, namelijk dat de borstkas uitzet.

Borstverkramping
Sommige ENS patiënten die jarenlang tegengesteld hebben geademd hebben een verkrampte borstkas gekregen. Het kan een tijd duren voordat een herstel-geopereerde ENS patiënt weer dúrft adem te halen op een normale manier. Omdat ademen een lange tijd duizeligheid veroorzaakte en ze gewend zijn hun borst en buik aan te spannen met ademen. Het verkrampen van de borst zorgt voor een pijnlijk gevoel in de borstkas.

Overige reacties
Het lichaam maakt vanwege de verstoorde luchtsignalen stresshormonen aan. Dit is een automatisch proces waarin niet ingegrepen kan worden, omdat het word veroorzaakt door een fysiek mankement. De constante aanmaak van de stresshormonen geven de ENS patiënt een onrustig en angstig gevoel. Er kunnen ernstige depressies optreden. Een persoon met ENS loopt dus duizelig, angstig en gestrest rond, met het gevoel te stikken en een pijnlijk gevoel in de neus met elke ademhaling. De gevoelens ontstaan alleen maar door het simpele feit dat iemand ademt. Dit beïnvloed de kwaliteit van leven op enorme wijze. De patiënt kan er niets aan doen, omdat hij wel móet ademen anders sterft hij. Dit geeft een claustrofobisch gevoel; er is geen ontsnapping mogelijk.

Tegenstrijdige processen
Er vinden bij een persoon met ENS een hoop tegenstrijdige processen plaats. Ten eerste ervaart een persoon stress terwijl er niets aan de hand is. Dit komt door de verkeerde zuurstof/koolstofdioxide verhouding en de automatische aanmaak van stress hormonen wegens de verminderde sensorische neusfuncties. Normaal gesproken kan iemand even lekker zuchten of diep ademen om opluchting te ervaren wanneer hij stress heeft. Deze mogelijkheid ontbreekt bij een persoon met ENS, doordat de lucht niet gevoeld word en de persoon duizelig word door diep te ademen. Bovendien word er juist door het ademen stress hormoon aangemaakt, doordat de neus de hersenen verteld dat er iets niet klopt. De persoon voelt zich moe en heeft het gevoel alsof hij slaapwandeld, terwijl hij tegelijkertijd stress ervaart een gejaagd gevoel heeft. Daarnaast moet de persoon continu bewust de ademhaling reguleren wat erg veel concentratie vergt. Al deze tegenstrijdige processen maken ENS een aandoening met extreem hoge lijdensdruk.

Lees de volgende pagina:
Over deze website Resultaat